Staatsleningen
Wat zijn Staatsleningen?
Door de Staat der Nederlanden uitgegeven en gegarandeerde schuldbewijzen of obligaties. Staatsleningen worden uitgegeven om de financieringsbehoefte van de Staat der Nederlanden te dekken. Staatsleningen worden verhandeld op de effectenbeurs van Euronext. Opties op staatsleningen worden verhandeld op de optiebeurs van Euronext.
Systemen van uitgifte van staatsleningen
Toonbanksysteem
Bij de staatslening van 15 februari 1993 is het toonbanksysteem (’over the counter’- systeem) toegepast. De inschrijving stond vanaf 18 januari open op beursdagen van 8.30 tot 17.00 uur. De koers van uitgifte wordt dagelijks vastgesteld en beleggers kunnen opgeven voor hoeveel ze willen inschrijven. Het Agentschap kan de uitgiftekoers verhogen als er veel belangstelling bestaat. Vanzelfsprekend wordt daarbij rekening gehouden met de rendementen van al bestaande staatsleningen op dat moment. Op elk gewenst ogenblik kan de inschrijving worden gestopt. Het voordeel van dit systeem is, dat beter op de markt kan worden ingespeeld dan bij het tendersysteem.
Staatsleningen volgens Tendersysteem
Bij een staatslening volgens het tendersysteem maakt het Agentschap bekend tegen welke rente men wil gaan lenen, maar de koers van uitgifte van de staatslening wordt pas na afloop van de inschrijving vastgelegd. Beleggers geven via hun bank of commissionair door voor welk bedrag zij tegen ten hoogste welke koers (de limietkoers) willen afnemen. Naarmate zij de staatslening aantrekkelijker vinden, zullen ze tegen hogere limiet-koersen inschrijven. Na sluiting van de inschrijving maakt het Agentschap een overzicht waaruit blijkt voor welk bedrag bij verschillende koersen is ingeschreven.
Staatslening uitgiftekoers
Bij de keuze van de uitgiftekoers van een staatslening geldt dat een lagere koers een grotere opbrengst levert, maar dat dan relatief duur wordt geleend. Stel immers dat bij een 7% staatslening de uitgiftekoers op 98% wordt bepaald. Dan ontvangt het Rijk per obligatie van nominaal € 1000 een bedrag van €980. Er moet jaarlijks €70 (7% van €1000) rente worden vergoed. Dat is dan 7,14% van staatslening (70/980) x 100%. Neem aan dat de uitgiftekoers op 101% is gesteld. Beleggers die een lagere limiet hadden opgegeven, vissen achter het net. Beleggers die 101 hadden opgegeven krijgen hun inschrijving toegewezen afhankelijk van het toewijzingspercentage. Beleggers die een limiet hoger dan 101% hadden opgegeven, hebben geluk. Zij zien hun inschrijving toegewezen tegen de koers 101%, dus lager dan ze bereid waren te betalen. Het Agentschap hanteert soms combinaties van toonbankuitgifte en tendersysteem bij staatsleningen.
Staatslening rentepercentage
De rente die jaarlijks wordt betaald over de nominale waarde van de staatslening, de couponrente. Bij een obligatie van €1000 wordt in dit geval per jaar €70 aan rente betaald.
Het jaar of de periode waarin staatslening wordt afgelost
De nominale waarde van staatslening wordt terugbetaald – er wordt à pari afgelost -volgens een bepaald aflossingsschema dat vastligt in de leningsvoorwaarden van staatsleningen. De 7% Staatslening van 15 februari 1993 wordt op 15 februari 2003 in zijn geheel afgelost. Internationaal heeft men een voorkeur voor dit soort zogeheten ‘bullet’-leningen. Het komt ook voor dat tussentijds wordt afgelost waarbij een loting bepaalt welke obligaties daarvoor in aanmerking komen.
Couponrendement staatslening
Hierbij gaat het om de totale opbrengst van het bedrag dat men ergens in gestoken heeft. Koopt men een 7% staatslening van €1000 bij een koers van 99,92, dan is het zogeheten couponrendement (70:999,2)x100% = 7,006%. In het algemeen:
Staatslening
Met aankoopkosten is in dit voorbeeld geen rekening gehouden.
Effectief rendement staatslening
Het effectief rendement houdt naast het couponrendement nog rekening met winst of verlies bij aflossing van de staatslening. In sommige bladen – zeker de vakbladen en bijvoorbeeld ook de Volkskrant en NRC Handelsblad – staat het effectief rendement afgedrukt bij elke staatslening. We kunnen het op de onderstaande manier berekenen.
De 7% Staatslening 93-03 wordt in 2003 in zijn geheel afgelost. De vervaldag van de coupon van deze staatslening is jaarlijks op 15 februari. De beurskoers op 15 mei 1995 is 101,25%. Wie op die dag zo’n staatslening van €1000 koopt voor € 1012,50 heeft bij aflossing € 12,50 nadeel. Omdat het rendement van een staatslening op jaarbasis wordt berekend, moet dit nadeel uitgesmeerd worden over de resterende looptijd van de staatslening. De resterende looptijd van deze staatslening betreft 15 mei 1995 tot 15 februari 2003, dat is 7 jaar en 9 maanden (omgerekend 7,75 jaar).
De formule voor berekening van het effectief rendement van staatslening is dan:

Staatslening
waarbij
- rent = het rentepercentage van staatslening
- nom = het nominale bedrag van staatslening
- bswa = de beurswaarde van staatslening
- rlpt = de resterende looptijd in jaren van staatslening
De berekening, op 15 mei 1995, van het effectief rendement van de 7% Staatslening 93-03 ziet er als volgt uit:

Staatslening
Modified duration Staatslening
Dit is een maatstaf voor de koersgevoeligheid van de staatslening. Als verwacht wordt dat het effectief rendement van de staatslening met 1%-punt zal stijgen, zal de koers van de staatslening ongeveer dalen met de modified duration als percentage. Als bijvoorbeeld het effectief rendement op de 7%- Staatslening 93/03 zou oplopen van 6,78 naar 7,78, mag een koersdaling worden verwacht met 5,74%..
Pdf versie: Staatslening
Word document: Staatslening
Excel bestand: Staatslening
PowerPoint: Staatslening
No related posts.
Tags: lening, staatslening, Staatsleningen

Leave your response!