Sparen tegen ander half procent

Vroeger was sparen een middel om te voorkomen dat uw geld op een of andere manier gestolen werd. Tegenwoordig bestaan er zoveel banken dat ze tegen elkaar moeten strijden voor elke belegger. Er bestaan allerlei trucjes om meer mensen aan te trekken dan de concurrenten, bijvoorbeeld net één tiende meer bieden aan de belegger. De spaarrentes gaan ook steeds omhoog, in 2007 en 2008 ging de rente bijna elke week . De spaarmarkt in Nederland werd verrijkt door vele buitenlandse markten. Verhoogde één bank zijn spaarrente, dan bleef de concurrentie op haar beurt ook niet bij de pakken zitten. Maar op een gegeven moment had de spaarbank Icesave financiële problemen, vanaf dan kozen de spaarders vooral voor de Nederlandse én betrouwbare financiële instellingen. Ondanks de hoge rente konden de andere banken geen financiële zekerheid bieden. Maar is sparen tegenwoordig nog voordelig?

In het verleden

Vroeger was sparen de garantie  van uw ‘appeltje voor de dorst’. Vele mensen gingen sparen om te voorkomen dat ze op een gegeven moment geen geld zouden hebben. Mensen spaarden dan op een letterlijke manier, ze verstopten geld bijvoorbeeld onder hun matras. Maar het was te risicovol. Het geld kon gemakkelijk gestolen worden. Dus deden mensen beroep op de financiële instellingen. De hoogte van de spaarrente bedroeg op dat moment 1,5 procent. Na de Tweede Wereldoorlog greep de overheid in. Om de consumenten meer te laten sparen bij de financiële instellingen, werden spaarbanken opgericht. Het eerst spaarbank heette Maatschappij tot Nut van ‘t Algemeen. De overheid wou op die manier het land heropbouwen na de oorlog.

Vandaag de dag

Tegenwoordig sparen wij niet alleen voor het geval dat het slecht zou gaan op financieel vlak. Wij leven in een verzorgingsstaat en hebben recht op een leefloon. Een leefloon geeft ons de mogelijkheid om op het einde van de maand de eindjes aan elkaar te knopen. De hoge kosten verhinderen de consumenten om veel te sparen. Een voorbeeld: uw spaarkapitaal bedraagt €10.000, maar als u regelmatig een deel van dat kapitaal verbruikt, daalt uw kapitaal.

Wat in de toekomst?

De huidige economische situatie en de rendementen op de beurs bepalen voor een groot deel het spaargedrag van de consumenten. De stabiliteit van het sparen wordt geapprecieerd als de beleggers de beurs niet meer kunnen vertrouwen. De overheid stimuleerde vroeger ook het sparen bij de verzekeraars om de spaarplannen fiscaal mogelijk te maken. Het ging dan over belastingvrije bedragen. Deze regelingen werden daarna terug afgeschaft. Dus heeft het voor de consumenten geen zin meer om te sparen bij de verzekeraars. Het feit dat de verzekeraars te hoge kosten aanrekenen voor het afsluiten en beheren van verzekeringen speelt natuurlijk ook een grote rol. Hoe alles verder evolueert, zullen wij in de toekomst zien. Voorlopig zijn het de banken die het vertrouwen van de consumenten winnen.

About the Author

>